dinsdag 6 mei 2014

Etappe 28: Mormant - Langres, 3 mei 2014


Ik vertrek voor mijn 11e en laatste wandeldag, en heb tot nu toe nog een regen gehad. Het wordt een dag met wat meer stijgen en dalen. Op een gegeven moment, zo’n tien kilometer voor Langres, krijg ik de kathedraal in de verte al in het vizier, het is dan nog zeker twee uren lopen eerdat ik er ben. Eenmaal in Langres bezoek ik eerst de kathedraal die als een rots boven het stadje uit torent, en ik krijg daar net als in alle andere grote kerken waar ik geweest ben een stempel in mijn pelgrimspaspoort. Een week geleden twijfelde ik nog of ik het zou gaan halen, en nu, na meer dan driehonderd wandelkilometers, sta ik dan plotseling bij het voorlopige einde.  Het woord ‘voorlopig’ is hier van toepassing, want ik heb nu definitief besloten om de wandeling af te maken. Ik ben van plan volgend jaar een maand uit te trekken om de resterende etappes naar de Italiaanse grens te lopen, en daarna zien we het wel verder. Ik heb gemerkt dat ik het fysiek goed aankan en dat er voldoende overnachtingsmogelijkheden zijn op de Via Francigena.



’s Avonds gaan we samen gezellig een hapje eten en we wisselen onze ervaringen uit. Vervolgens slapen we allebei bij de Presbytere bij de Kathedraal. De ochtend erop ontbijten we samen, en we spreken af dat ik Harry dit najaar een keer bezoek in Amsterdam om te vernemen hoe het hem is vergaan. Hij loopt door naar Rome, ik neem de trein vanaf Langres naar huis.


Etappe 26, Bar sur Aube - Chateauvillain 1 mei 2014


Dit zou wel eens de eerst regendag kunnen worden, de voorspellingen zijn niet best. Ik verlaat ’s ochtends Bar sur Aube, een prachtig plaatsje aan een mooie rivier. De route slingert verder langs de Aube, door bossen en tussen velden. Het is de eerste mei, ofwel de Dag van de Arbeid, en alles in Frankrijk staat helemaal stil. Ik had gisteren een kort telefoontje naar het Tourist Office van Chateauvillain gepleegd, en daar werd me verteld dat ik de sleutel van het lokale verblijf op kon halen bij de bakker. Maar welke bakker? En is die er wel op de 1e mei?? Goed, allemaal onzekerheden dus.



Na iets meer dan dertig kilometer komt dan eindelijk de kerk van Chateauvillain in zicht. Het is nog wel een uurtje lopen weet ik  inmiddels uit ervaring. Want afstanden en tijd leer je wel inschatten tijdens zo’n reis. Maar niet alleen de kerk komt in zicht, maar ook zie ik dreigende dikke zwarte wolken de heuvels overkomen. Doorlopen dus! Maar waar moet ik zijn? Afijn, ik loop dus het dorpje in, en kom al gauw een andere trekker tegen: het is Harry uit Amsterdam! En nog veel mooier: doordat hij veel eerder binnen is dan ik, heeft de lokale bakker hem gevonden (niet omgekeerd) en hem de sleutel gegeven van ons onderkomen! Vijf minuten later trek ik de deur van ons verblijf achter me dicht, terwijl de regen lostbarst….. ’s Avonds eten we samen en maken we het gezellig. We zullen drie avonden met elkaar optrekken en samen eten, maar we lopen overdag niet samen. Vrijheid blijheid. 

Etappe 23: Coole - Corbeil, 28 april 2014


De ochtend erop vertrek ik laat, want er staat toch maar een klein eindje op de agenda. Ik voel  me ook moe, geen idee waar het van komt. Toch te veel wijn gedronken gisteren? In Corbeil overnacht ik met minimale mogelijkheden, maar het is er droog en er is voor wat eten gezorgd. Dat is maar goed ook, want er is hier in deze uitgestrekte gebieden helemaal niets te koop. Ik bezoek ’s avonds de verlaten kerk, eigenlijk is het hele platteland hier verlaten. Ik slaap heerlijk, maak gebruik van de mand met levensmiddelen die voor me achter gelaten is. Inclusief een flesje rode wijn!  

Etappe 22: Châlons en Champagne - Coole, 27 april 2014


De volgende ochtend ging ik op weg, opnieuw zonder een  overnachtingsadres.  Het gevoel de tent bij te hebben is toch wel fijn, want je weet dat je altijd wel ergens je tent op kan zetten. In het beste geval overnachten bij een boer in de schuur, dan lig je in elk geval droog……

Maar goed, veertig kilometer voor me,  het is ook wel zo ongeveer wat ik maximaal kan lopen met 12 kilo bepakking. ’s Ochtends passeerde ik het station van Châlons, en heel even bekroop me de neiging om gewoon maar de trein te nemen….maar aan de andere kant dacht ik: als ik nu die tachtig kilometer weet te overwinnen, dan stelt de rest allemaal niets meer voor…. Het werd een nogal zware tocht. Over de kaarsrechte Romeinse wegen die daar al meer dan tweeduizend jaar liggen. De heuvels zijn begroeid met gele sleutelbloemen, en net ingezaaid met koren. Gelukkig is het prima weer: windstil en zon, en ik geniet van de intense stilte die er heerst. Af en toe in een dal een verzameling met huizen, gehuchten die totaal verstild zijn. Ik loop en ik  loop, en rust regelmatig uit. 



Na een kilometer of dertig stopt er een auto naast me, met daarin een man en vrouw die me vragen waar ik heen wil. En of ik niet wil overwegen bij hen te overnachten, een drietal kilometer verderop wonen ze langs de weg. Het zijn Jean Pierre en Monique, ze wonen in een prachtig huis. En ik denk bij mezelf: ach, dertig kilometer is te weinig op een traject van 80, maar dat zien we morgen dan wel weer. Gelukkig blijkt Monique iemand te kennen die 20 kilometer verderop, in Corbeil, de Mairie beheert. En daar kan ik de volgende dag een slaapplek krijgen in de voormalige ‘Ecole’, de school. Ofwel, de twee etappes van veertig worden er drie van een heel aanvaardbaar niveau. Zo kan het dus gaan! 


’s Avonds wordt het ook hier gezellig, onder andere door de vrienden die op bezoek komen. 

Etappe 21: Ambonnay - Châlons en Champagne, 26 april 2014


De route naar Châlons en Champagne was prachtig, net als het weer. Ook dit keer had ik geen overnachtingsadres, maar ik was vroeg in het stadje en vertrouwde erop  dat ik wel  wat zou vinden. Ik meldde me bij de Notre Dame en Vaux, met de vraag of er mogelijkheden waren. Op vertoon van mijn pelgrimspaspoort (wat een geweldig ding is dat!) werden er deuren voor me geopend die voor anderen gesloten blijven. De mensen die voor de ontvangst in de kathedraal zorgen, begonnen te bellen met lokale bewoners, en binnen tien minuten was er een adres gevonden op nog geen vijf minuten lopen, ofwel in het oude centrum van de stad.



Ik werd gastvrij ontvangen bij de familie Tresson. Yves en Odyle wonen in een oud huis naast een 12e eeuwse kerk, en ik mocht gebruik maken van één van de kamers van de kinderen. En passant werd mijn was ook nog eens gedaan! ’s Middags had ik de tijd om de stad te bezoeken, en terwijl het buiten regende schreef ik wat brieven  in een restaurant onder het genot van een glaasje rode wijn. Ik was uitgenodigd om te blijven eten bij de familie, en ging tegen zeven uur dus weer naar hun adres. Inmiddels waren ook hun kinderen Marie-Lou, Manuel en Paul aangeschoven, en doordat deze mensen goed Engels en Duits spraken werd het een gezellige avond waarbij we over van alles en nog wat gepraat hebben.  Ik ging met gemengde gevoelens naar bed: de komende twee dagen wachten er tachtig kilometer, waar niets, maar dan ook helemaal niets te vinden is. Dus eten meenemen, waarschijnlijk overnachten in de tent…….

Etappe 20: Reims - Ambonnay, 25 april 2014


Vanochtend in Reims vertrokken, maar geen overnachting kunnen regelen op voorhand. Nu sprak ik onlangs een wandelaar uit België, die aangaf dat het veel meer rust geeft als je niets regelt, en het ‘er op aan laat komen’. Met andere woorden: hij zegt, heb maar vertrouwen, het komt allemaal wel goed. Daarnaast geeft het feit dat ik mijn tentje bijheb, met slaapmatje en slaapzak, me ook wel een goed gevoel want wat er ook gebeurt, ik kan een plaatsje vinden. Nu vind ik wild kamperen niet zo erg, maar om dat alléén te doen is toch wel een stap die je moet zetten….

Maar goed, ik vertrek met de
bedoeling om 30 kilometer verderop in Trepail een plaatsje te vinden. Ik passeer wijngaarden en niets als deze monocultuur, waar volop gespoten wordt. In Trepail is niets te vinden, het is ook maar donker weer.......Uiteindelijk eindig ik één dorpje verderop,  in Ambonnay, waar een klein hotelletje is waar ik lekker eet en slaap, na een kleine 37 kilometer gelopen te hebben. 

Etappe 19: Briene sur Aisne - Reims, 24 april 2014


’s Ochtends héél vroeg vertrokken, op weg naar Reims. Gelukkig kon ik met de mensen waar ik in de tuin stond mee ontbijten, dat scheelt toch wel een hele boel: een lekkere bak koffie met uiteraard stokbrood met kaas. De jas ging al heel snel uit, en de trui even later waarna ik alleen maar in mijn hemdje verder liep. Het was prachtig zonnig weer, en ook nu liep ik al snel weer langs een kanaal, in dit geval het Aisne – Marne kanaal naar Reims toe. Heerlijk rustig onderweg, en na een paar uur kwamen de torens van de kathedraal van Reims al in zicht. Een paar uur later stond ik dan recht voor de kathedraal, wat ik heel bijzonder vond. Bijna vijftienhonderd jaar lang zijn de Franse koningen gekroond in deze kerk, en als ik ’s avonds in de zon op het plein voor de kathedraal zit, met een biertje in de hand, dan realiseer ik me op wat voor een historische plek ik me bevind. In Reims wend ik me tot het Huis van het Diocees, waar ik een slaapplaats krijg in het oude seminarie op nog geen vijf minuten vanaf de kathedraal. Op deze plek, waar voorheen priesters werden opgeleid, zijn nu nog steeds 32 slaapplaatsen beschikbaar, ik ben de enige gast die avond. En na de overnachting in de kou van afgelopen nacht, komt deze slaapplaats op deze historische omgeving me wel heel goed uit, ik kan mezelf weer eens douchen en zelfs mijn kleren wassen. 


Hier zie je een foto van één van de gangen van het seminarie. Ik realiseer me dat dit een wereld is die op zijn einde loopt, ik ben één van de laatsten die mee mogen maken wat een dergelijke soort gastvrijheid  en belangeloosheid betekent. 

Etappe 18: Chateau Porcien - Briene sur Aisne, 23 april 2014


Maria was gisteren samen met me naar Lalobbe gereden ,waar we overnachtten bij Karen en Ton. Ik kende ze nog van het vorige jaar, omdat ik daar mijn laatste overnachting had in het traject dat ik toen liep. Ook nu was het weer erg gezellig, en we sliepen in het oude huis dat sinds de 19e eeuw nauwelijks veranderd was. We hebben tot ’s avonds laat gezellig zitten kletsen.

Ik was vorig jaar geëindigd in Rethel, maar omdat daar de routebeschrijving niet van toepassing was begon ik in het etappeplaatsje Chateau Porcien. Na daar afscheid van Maria genomen te hebben, begon ik mijn wandeling langs het Canal ders Ardennes naar Brienne sur Aisne. Eenmaal daar aangekomen was er geen andere overnachtingsmogelijkheid dan de tent op te zetten bij een lokale bewoner, waar ik bovendien van het toilet en het (koud) water gebruik kon maken. In het dorpje was ook geen voorziening zoals een winkel, maar  ik kon gelukkig van deze mensen wat voedsel kopen. Mijn avondeten bestond uit een blik sardines, wat brood, tomaten, jus d’orange en boter en kaas. Nagerecht: appel en een banaan. Niettemin: goed geslapen in mijn tentje, maar wel erg koud, bovendien was het gaan regenen die nacht. Ik kwam tot de conclusie, dat het gewoon té vroeg in het jaar is om in de tent te slapen. Toen ik  ’s ochtends opstond had ik toch wel even mijn twijfel, omdat ik voor veel komende etappes geen andere mogelijkheden dan overnachten in de tent voorzag. Gelukkig bleek al snel, dat het eten voldoende was om een hele dag vol energie te kunnen lopen op weg naar de volgende plaats, Reims. En het goede nieuws: het weer was prachtig!